SUYANA Peru - Projecten in Peru - Villa el Salvador
home

Historische context:

Lima, de hoofdstad van Perú, telt de dag van vandaag meer dan 8 miljoen inwoners. Dit aantal staat in schril contrast met het bevolkingsaantal in 1960, dat toen slechts 236 716 inwoners betrof (Cf. Arrellano R. ciudad de los reyes…, p. 51). Sinds de Jaren ’60 heeft zich een oncontroleerbare explosie van migratie richting Lima voor gedaan. Het centralisme op socio-economisch en opvoedkundig vlak zijn de voornaamste factoren die deze migratiegolf beïnvloed hebben. Bijna alle industrie en handel zijn in Lima geconcentreerd, wat voor werkgelegenheid en betere levensomstandigheden zorgt. Ook zo goed als alle (belangrijke) universiteiten bevinden zich in Lima. Sinds de jaren ’80 was ook het terrorisme in de Altiplano van Perú (denk maar aan sendero luminoso, het lichtend pad) een belangrijke oorzaak van migratie richting Lima; vooral vanuit de steden Ayacucho, Apurimac en Huancavelica, die het meest onder het terrorisme geleden hebben.

Hoewel de migratiegolf traag op gang kwam sinds de jaren ’50, explodeerde deze sinds de jaren ’60, met een willekeurige groei van de stad tot gevolg. Vandaar dat de verschillende ´Conos´ (districten rond Lima) ontstonden: Cono Norte (district Comas), Cono Sur (districten San Juan de Miraflores, Pamplona Alta, Villa María del Triunfo, Villa el Salvador), en de Cono Este (San Juan de Lurigancho, Canto Grande). Elk van deze districten gaan voor ons, Europeanen, als echte sloppenwijken door. De armoede is niet te overzien.

Binnen deze context kwam ook Villa el Salvador tot stand. Op 28 april 1971 streken ongeveer 200 families in de heuvels van Pamplona Alta neer, waardoor op minder dan 15 dagen tijd er 9000 mensen neergestreken waren in die zone. Dit leidde tot hevige spanningen: er waren gevechten, met doden tot gevolg. Op dat moment kwam de kerk in actie, in de persoon van Mons. Luis Bambarén, de hulpbisschop die met de nieuwe wijken belast was. Hij nam het op voor de migranten. Dankzij deze tussenkomst besloot de regering – van generaal Juan Velasco – om de migranten te steunen. Deze mochten op 11 mei verhuizen naar een vlak gebied van 29000 hectare, op 29 kilometer van Lima centrum. Deze zone werd Villa el Salvador gedoopt.

Villa el Salvador heeft sindsdien veel vooruitgang geboekt, dankzij de inzet en het organisatievermogen van haar inwoners. Zo kwam het dat men in juli 1972 zelf reeds een volkstelling organiseerde, die uitkwam op 109 165 inwoners. Dat is een groei van 100 000 inwoners op amper een jaar tijd, enkel in deze zone van Lima. In datzelfde jaar was de bevolking er in geslaagd een markt, een school, en een vereniging voor moeders op te richten. Vanaf 1983 werd Villa el Salvador als district erkend. Dit district won de ‘Principe de Asturias’ prijs. Vandaag de dag is Villa el Salvador een belangrijk industrieel centrum waar vooral meubels, schoenen en metalen vervaardigd worden. Volgens de laatste telling van het Instituto Nacional de Estadistica zijn er vandaag 400 000 inwoners. Het is bewonderenswaardig dat de inwoners hier zelf zoveel initiatief nemen, en op hun eigen benen proberen te staan.

De Parochie, Cristo el Salvador

Onze parochie, Cristo el Salvador, is de eerste parochie die in dit district ontstond. De kerk heeft altijd een belangrijke rol gespeeld in de ontwikkeling van deze zone, vooral op sociaal en educatief vlak, alsook op het vlak van gemeenschapsparticipatie. De solidariteit stroomt door de aders van dit district, en wordt door de inwoners als belangrijkste waarde beschouwd.

In onze parochie zijn er ongeveer 12 000 families. Aangezien elke familie gemiddeld vijf leden telt, zijn er ongeveer 60 000 inwoners in heel het territorium van de parochie. Hierdoor streeft de parochie een decentrale aanpak na, en zijn er verschillende kapelletjes over de wijken verdeeld.

De parochie maakt deel uit van de diocese (gebied dat bestuurd wordt door een bisschop) van Zuid-Lima, die de eerder vermelde sloppenwijken samenbrengt. In 2005 werd een enquête georganiseerd op diocesaan niveau, waardoor men tot de volgende constatatie kwam: “60.4% van de gezinnen heeft een maandelijks inkomen dat varieert tussen de $100 en $200. Van deze gezinnen spendeert 40.1% dagelijks slechts $1.25 aan voeding. De totale dagelijkse uitgaven van 37.1% van deze gezinnen is niet meer dan $2.52” (Diagnóstico de la Diócesis de Lurin, Marzo 2007).

Het spreekt voor zich dat in deze context van extreme armoede de honger, ondervoeding, en zelfs ziektes zoals tuberculose zich veelvuldig voordoen.

Onze parochie is nooit ongevoelig geweest voor deze situatie. Trouw aan haar missie om het Rijk van God aan te kondigen, zorgt de parochie dan ook voor armen, hongerigen en zieken. De speerpunten van het diocesaan beleid zijn dan ook de voorkeursoptie voor de armen, en de strijd voor een waardig leven voor iedereen. Om diezelfde redenen beschikt de parochie sinds 2006 over een comedor, waardoor ze in staat is een gezond en evenwichtig middageten ter beschikking te stellen aan 120 personen (kinderen en volwassenen), van maandag tot vrijdag. Gezien de beperkte plaatsen is dit gezond middageten enkel voor de armsten onder de armen beschikbaar. Deze gratis maaltijden zijn mogelijk dankzij de inzet van vrijwilligers, van de christelijke gemeenschap, en van genereuze mensen.

Hiernaast beschikt de parochie ook nog over andere diensten voor de armen, zoals een Centro de promoción humana en salud, een medisch centrum dat beschikt over een huisarts, een psycholoog, een odontoloog, een laboratorium, en een lichaamstherapeut. Een ander belangrijk centrum is het Centro Día, dat occupationele therapie voorziet voor mensen met een mentale stoornis. Verder beschikt de parochie over kinderdagverblijf voor kinderen tussen 0 en 2 jaar van werkende moeders. Er is het programma Caritas Felices, om kinderen met leerstoornissen bij te staan, er is een parochiebibliotheek, een parochiale kinderrechten-verdediger (die het opneemt voor mishandelde kinderen en adolescenten), en een juridische consultatiepost (een advocaat die gratis advies geeft) in samenspraak met het ministerie van justitie. Tot slot beschikt de parochie ook nog over een maatschappelijk assistente. Al deze zaken bestaan, natuurlijk, naast de ‘normale’ parochiale werking.